Middelgebruik bij mensen met een verstandelijke beperking

Broeke, L.N.R. ten (2010) Middelgebruik bij mensen met een verstandelijke beperking.

[img]
Preview
PDF
92kB
Abstract:Middelengebruik bij mensen met een verstandelijke beperking wordt de laatste jaren steeds vaker opgemerkt en vormt een probleem. Echter herkennen de begeleiders deze problematiek vaak te laat. Wanneer het wel wordt herkend weten de begeleiders van deze mensen met een verstandelijke beperking vaak niet hoe ze hier mee om moeten gaan. Om hier meer over te weten te komen zal dit onderzoeksrapport een dossieronderzoek beschrijven. In dit dossieronderzoek is het de bedoeling dat er een beter beeld wordt gecreëerd van deze doelgroep en dat uiteindelijk de cliënten die middelen gebruiken eerder herkend kunnen worden. De verwachting is dat er een profiel ontstaat waardoor middelengebruikende cliënten eerder herkend kunnen worden en daardoor adequater geholpen kunnen worden. Dit dossieronderzoek heeft plaatsgevonden bij Aveleijn in Borne, een zorginstelling voor mensen met een verstandelijke beperking. De volgende factoren zijn onderzocht om een beter beeld te verkrijgen van deze groep mensen: geslacht, leeftijd, woonsituatie, opleidingsniveau, IQ,contact met andere gebruikers, zelfredzaamheid, temperament, reden tot gebruik, beheer van geld, soort verslaving en poging tot stoppen. Opvallend was dat er in veel dossiers informatie ontbrak die in andere dossiers wel te vinden was. Resultaten: het gemiddelde IQ van de groep lag op 68,8 punten. De groep bestond voor een derde uit licht verstandelijk beperkte mensen en voor een derde uit zwakbegaafde mensen. 72% van de onderzochte groep was mannelijk en 28% was vrouwelijk, dat is het dubbele percentage vrouwen dan in Ierland. De gemiddelde leeftijd van de groep lag op 38,5 jaar. 66,2% heeft speciaal onderwijs gevolgd. 47,8% van de onderzochte groep was langer in zorg dan 5 jaar. Bij Aveleijn waren de mensen uit de onderzochte groep minder lang in zorg dan in Ierland. 61,4% van de onderzochte groep bezat een moeilijk temperament. Ongeveer 70% had geen partner, en ook ongeveer 70% had geen kinderen. 25% van de groep genoot dagbesteding. Slechts 4,9% van de groep scoorde een onvoldoende op zelfredzaamheid. 56,9% van de groep gebruikte alcohol en de meesten gebruikten middelen allen. Meer dan de helft van de onderzochte groep is niet bekend bij Tactus en bijna 90% van de groep rookt. Conclusie: in de uiteindelijke checklist moeten de volgende factoren worden opgenomen: moeilijk temperament, hoge zelfredzaamheid, roken, verkeerde vrienden, verveling en overlijden ouder. Het is onmogelijk om een checklist op te stellen die in alle situaties opgaat daar waar de factoren per persoon te veel van elkaar verschillen.
Item Type:Essay (Bachelor)
Clients:
Avelijn
Faculty:BMS: Behavioural, Management and Social Sciences
Subject:77 psychology
Programme:Psychology BSc (56604)
Link to this item:http://purl.utwente.nl/essays/59862
Export this item as:BibTeX
EndNote
HTML Citation
Reference Manager

 

Repository Staff Only: item control page