University of Twente Student Theses

Login

Evaluatie module nieuwe scheikunde: Melkzuur, van Spierpijn tot Bioplastic

Jong-Berkhout, Pauline de and Gerritsjans, Arthur (2011) Evaluatie module nieuwe scheikunde: Melkzuur, van Spierpijn tot Bioplastic.

[img] PDF
984kB
Abstract:De afgelopen jaren is in Nederland hard gewerkt aan de verandering van het scheikunde curriculum. Hiervoor zijn twee redenen: het scheikunde curriculum is sinds de invoering van het vak scheikunde alleen uitgebreid, nooit grondig vernieuwd en leerlingen blijken steeds meer hun interesse in de natuurwetenschappenlijke vakken, waaronder scheikunde, te verliezen. In 2003 is begonnen met het ontwikkelen van “nieuwe scheikunde”. Als voorbeeld voor de ontwikkeling van het nieuwe programma werd gekeken naar de nieuwe context-gerichte curricula die in landen als de Verenigde Staten, Engeland en Duitsland. zijn ontwikkeld. Door het ontwikkelen van contextgerichte modules zijn docenten ontwikkelteams, onder begeleiding van vakdidactici bezig met het ontwikkelen van een programma voor “Nieuwe Scheikunde” dat de motivatie van leerlingen moet vergroten en leerlingen een beter beeld moet geven van het belang van scheikunde voor de economie en samenleving. Het doel van dit onderzoek is het evalueren van een door een docenten ontwikkel team herontworpen module van nieuwe scheikunde: ‘Melkzuur, van spierpijn tot bioplastic’. Voor het onderzoek is deze module uitgevoerd op twee scholen: Het Stedelijk Lyceum in Enschede en Het Assink Lyceum in Haaksbergen. De module moet de motivatie van leerlingen vergroten en moet leerlingen een beter beeld geven van het belang van scheikunde voor de economie en samenleving. Of de module dat bewerkstelligd is onderzocht met behulp van pré- en postenquêtes, interviews en logboeken. De enquêtes bevatten o.a. stellingen die te maken hebben met motivatie. Die stellingen zijn ingedeeld aan de hand van de ‘self-determination theory’, een theorie die een verdeling maakt in verschillende soorten motivatie. Er is gekeken of de module een verandering in de manier waarop de leerlingen worden gemotiveerd om voor scheikunde te werken heeft veroorzaakt. Met andere stellingen in de enquête is onderzocht of de leerlingen een beter inzicht in de relevantie van het vak scheikunde hebben gekregen door de module. Uit het onderzoek is gebleken dat de 3e klas leerlingen die een M-profiel gekozen hebben aan het eind van het schooljaar voornamelijk gemotiveerd zijn door het halen van cijfers in verband met de overgang naar het volgende leerjaar (extrinsieke motivatie). De interesse in het vak speelde bij deze leerlingen een veel kleinere rol. De meeste leerlingen met een gekozen N-profiel hadden juist een grotere intrinsieke motivatie, ze vonden het leuk om met het vak bezig te zijn omdat het interessant was. De grootste motivatiefactor voor beide groepen bleek het doen van practicum te zijn waarbij met practicum het doen van proefjes, of het maken van een model wordt bedoeld. We concluderen ook dat de module voor een verhoogde autonome motivatie heeft gezorgd. De leerlingen waren zelfstandiger en met meer plezier aan het werk met de module. Wij denken dat het komt door de afwisseling van de theorie met veel practicum, hier waren de leerlingen erg positief over. De module heeft uiteindelijk niet geleid tot een verhoogd inzicht in de relevantie van het vak scheikunde bij de leerlingen.
Item Type:Essay (Master)
Faculty:BMS: Behavioural, Management and Social Sciences
Subject:81 education, teaching
Programme:Science Education and Communication MSc (60708)
Link to this item:https://purl.utwente.nl/essays/64378
Export this item as:BibTeX
EndNote
HTML Citation
Reference Manager

 

Repository Staff Only: item control page