University of Twente Student Theses

Login

Nieuwe Scheikunde : Beeldvorming, kennisoverdracht en leerrendement MODULE VOEDINGSMIDDELEN Aangepast voor 3e leerjaar Gymnasium Celeanum Zwolle : Toepassing en evaluatie

Coffa, Stuart (2011) Nieuwe Scheikunde : Beeldvorming, kennisoverdracht en leerrendement MODULE VOEDINGSMIDDELEN Aangepast voor 3e leerjaar Gymnasium Celeanum Zwolle : Toepassing en evaluatie.

[img]
Preview
PDF
217kB
Abstract:Het doel van dit onderzoek is inzicht te krijgen in de beeldvorming van 3 vwo leerlingen over de Klassieke scheikunde, en daarnaast het vaststellen van de mate van kennisoverdracht en het leerrendement van die leerlingen tijdens presentaties en practica op het gebied van de Nieuwe scheikunde. De module, die in 2010 binnen Gymnasium Celeanum is toegepast en uitgetest, gaat over ‘Voedingsmiddelen’, een module voor vwo 3, van het project Studiestijgers. Dit is de 1e keer dat een module Nieuwe scheikunde in deze school is toegepast. Als wij het over scheikunde hebben denkt ongeveer de helft van de leerlingen aan mengen en roeren in vaten, en het optreden van chemische reacties. Leerlingen denken dat scheikunde met name belangrijk is voor producenten van geneesmiddelen, forensische onderzoekers en laboranten, maar niet voor bijvoorbeeld milieuadviseurs. De meeste leerlingen denken, dat de schoolvakken natuurkunde, wiskunde en biologie nodig zijn als zij scheikunde studeren. Ruim de helft van de leerlingen is het eens met de stelling, dat het niet duidelijk is waarom het leren van heel veel chemische begrippen (concepten) nodig is. Scheikunde is pas interessant als er veel experimenten worden uitgevoerd. Ongeveer 45 % van de leerlingen is het gedeeltelijk met deze stelling eens en ca. 30 % is het geheel daarmee eens. Circa 40 % van de leerlingen vindt deze vorm van Nieuwe scheikunde beter dan de Klassieke scheikunde. Nog eens ca. 40 % vindt het niet beter / niet slechter. Er kan niet in het algemeen worden gesteld, dat alle leerlingen hun eigen onderzoeksonderwerp beter begrijpen als zij het presenteren. Dit komt overeen met circa 2/3 van klassen A, B, D en F. Er kan ook niet in het algemeen worden gesteld, dat alle leerlingen iets leren van de presentatie van anderen. Dit komt overeen met circa 2/3 van klassen B en D, en circa 1/3 van klas E. Wat betreft vitamine C hebben waarschijnlijk alleen de onderzoeksgroepen in klas C iets van elkaar geleerd. Het is niet duidelijk of dit significant is. Verder onderzoek is nodig. De eindtoetsen (Nieuwe scheikunde) waren beter gemaakt dan de prétoets (Klassieke scheikunde). De gemiddelde scores voor de eindtoetsen lagen tussen 5,6 en 8,3. De gemiddelde scores voor de prétoets lagen tussen 3,5 en 5,9. Het lijkt er op dat er sprake was van een hoger leerrendement bij toepassing van Nieuwe scheikunde. Na toepassing van de t-toets kan voorzichtig worden gesteld dat voor alle onderzoeksgroepen in klas 3D geldt, dat de gemiddelde scores voor de eindtoetsen hoger zijn dan de gemiddelde scores voor de prétoets. Voor klas 3B geldt dit alleen voor de onderzoeksgroepen Appelmoes.
Item Type:Essay (Master)
Faculty:BMS: Behavioural, Management and Social Sciences
Subject:81 education, teaching
Programme:Science Education and Communication MSc (68404)
Link to this item:http://purl.utwente.nl/essays/64383
Export this item as:BibTeX
EndNote
HTML Citation
Reference Manager

 

Repository Staff Only: item control page