University of Twente Student Theses

Login

Collectief personenvervoer : Haven Rotterdam

Agten, Quintijn van (2008) Collectief personenvervoer : Haven Rotterdam.

[img] PDF
2MB
Abstract:Aanleiding voor dit onderzoek is: 1. Het bereikbaarheidsplan van het Havenbedrijf Rotterdam, dat concludeert dat de leidende positie van de Rotterdamse haven in gevaar dreigt te komen. Door de constante groei van de goederenstromen zou de haven vast kunnen lopen. 2. Geplande werkzaamheden op de A15, waardoor men verwacht dat de nu al aanwezige congestie sterk zal groeien. Bedrijfsleven, het Havenbedrijf en de overheid willen de leidende positie van de haven behouden en hebben afgesproken de huidige intensiteit op de A15 in het havengebied met 20% te laten afnemen ten tijde van de werkzaamheden m.b.v. maatregelen. Één maatregel die hierbij onder andere in het bereikbaarheidsplan staat is meer collectief personenvervoer, deze maatregel staat in dit onderzoek centraal. Collectief personenvervoer bestaat uit openbaar vervoer (voor iedereen toegankelijk) en besloten vervoer (werkgever bepaalt wie er gebruik van mag maken) is. De hoofdvraag in dit onderzoek is: In hoeverre kan collectief personenvervoer (CPV) wanneer dit optimaal georganiseerd en gebruikt wordt de intensiteit op de A15 (hectometer paal: 34, 45 en 56) in de haven Rotterdam procentueel doen verminderen? Om de hoofdvraag te beantwoorden is CPV eerst onder de loep genomen. Hierbij is er gekeken naar de huidige situatie in de haven, de kosten en baten van CPV, de criteria en voorwaarden voor het invoeren van CPV en de mogelijkheid om collectiefpersonenvervoer te stimuleren. Belangrijke bevindingen zijn: • In de haven bevindt zich nauwelijks openbaar vervoer, qua besloten vervoer zijn er enkele bedrijven die hier actief gebruik van maken. • Bij een bezetting van 3 werknemers is vanpooling al goedkoper dan wanneer deze werknemers ieder met de auto gaan. Bij een bezetting van 7 personen is vanpooling zelfs te organiseren binnen de standaard woon-werkvergoeding en voor een buslijn lukt dit al bij een bezetting van 20 werknemers. • Voor de werkgever, het Havenbedrijf en de maatschappij biedt CPV eigenlijk alleen maar baten. Dit is voor de werknemer anders, naast dat CPV heel wat baten biedt voor de werknemer heeft het solo autogebruik ook heel wat baten ten opzichte van CPV. Hierdoor zullen de werknemers uiteindelijk zelf de afweging maken of zij de auto inruilen voor CPV. Aan de werkgever is het om de werknemers hierin te stimuleren en te sturen. • Criteria waar de kans tot slagen van CPV vanaf hangt zijn: - Huidige bezettinggraad van voertuigen per bedrijfstype Des te hoger de bezettingsgraad per voertuig des te groter is de slagingskans - Aantal werknemers Des te groter het aantal werknemers is des te groter is de slagingskans - Ploegendienst (percentage dat in ploegendienst werkt) Naarmate er meer in ploegendienst wordt gewerkt is de slagingskans groter - Werktijden De slagingskans is groter wanneer de werktijden van de werknemers per bedrijf of zelfs per gebied hetzelfde zijn. - Herkomstwerknemers Wanneer werknemers dichtbij elkaar wonen is de slagingskans veel groter dan wanneer ze ver bij elkaar uit de buurt wonen. - Scholing en salaris werknemers Bij lager geschoolde werknemers en werknemers met een laag salaris ligt de slagingskans van CPV hoger. Doordat hoogopgeleiden en werknemers met een hoger salaris minder op de kosten van vervoer letten. Met behulp van de criteria die het slagen van CPV bepalen is er per havengebied een slagingskans voor CPV bepaald, deze zijn: • Maasvlakte 76% • Europoort 76% • Botlek 70% • Vondelingplaat 66% Gegevens en aannames over het aantal werknemers, het autogebruik, het percentage beïnvloedbare autogebruikers, de slagingskans CPV, de bezettingsgraat CPV en de herkomst van de werknemers per havengebied vormen de basis voor het percentage minder voertuigen op de A15 bij invoering van meer CPV. De verlaging van intensiteit op de A15 is voor 3 punten op de A15 berekend. Het resultaat hiervan is dat in het westen van de haven meer CPV de intensiteit op de A15 met gemiddeld 8,3% laat afnemen en in het oosten van de haven is dit slechts 1,4% is. Gemiddeld wordt de afname geschat op ongeveer 3,7% van de voertuigen op de A15. Resultaat van dit onderzoek is dat meer CPV de intensiteit op de A15 doet verlagen maar nog lang niet de afgesproken 20% haalt. Om dit wel te behalen zijn een aantal extra maatregelen nodig.
Item Type:Essay (Bachelor)
Clients:
Witteveen+Bos
Faculty:ET: Engineering Technology
Subject:56 civil engineering
Programme:Civil Engineering BSc (56952)
Link to this item:http://purl.utwente.nl/essays/74713
Export this item as:BibTeX
EndNote
HTML Citation
Reference Manager

 

Repository Staff Only: item control page